Onderduikers Online!

Tijdens de Tweede Wereldoorlog vonden duizenden onderduikers een veilig heenkomen in Fryslân. Van ruim 3700 van hen zijn registratiekaarten bewaard gebleven. Helpt u mee de onderduikers zichtbaar te maken?

Stân fan saken

  • 1606 Scans
  • 108 Dielnimmers

  • 1605
    • 0% Unbrûkber
    • 99.9% DûbelYnfierd
    • 99.9% Neisjoen
    DûbelYnfierd 99.9%
  • 1605
    • 0% Unbrûkber
    • 99.9% DûbelYnfierd
    • 99.9% Neisjoen
    Neisjoen 99.9%
Meidwaan oan dit projekt

Onderduikers Online!

Tijdens de Tweede Wereldoorlog vonden duizenden onderduikers een veilig heenkomen ergens in Friesland. Van ruim 3700 van hen zijn registratiekaarten bewaard gebleven. Help je mee de onderduikers en hun helpers een naam te geven en hun schuilplaatsen zichtbaar te maken?

Friesland was een ideale plek voor onderduikers tijdens de Tweede Wereldoorlog. De landbouw en veeteelt zorgden voor voldoende voedsel en de vele afgelegen dorpen en boerderijen boden vele schuilplaatsen.

De onderduikkaarten

Voorbeelden registratiekaarten

Bij Tresoar en Kamp Westerbork worden administraties bewaard van onderduikers in Friesland. Het gaat in totaal om meer dan 3700 kaarten en formulieren van onderduikers die in Friesland de bevrijding beleefden.
De Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers (LO) telde in Friesland vijf districten. Van die van Drachten, Leeuwarden en Sneek zijn registraties bewaard gebleven.

De drie districten omvatten de volgende gemeenten:

  • District Leeuwarden: Leeuwarden
  • District Drachten: Idaarderadeel, Ooststellingwerf, Opsterland, Smallingerland, Utingeradeel.
  • District Sneek: Baarderadeel, Bolsward, Doniawerstal, Gaasterland, Haskerland, Heerenveen, Hemelumer Oldeferd, Hindeloopen, Lemsterland, Rauwerderhem, Sloten, Sneek, IJlst, Weststellingwerf, Wonseradeel, Wymbritseradeel.

Bij de districten Drachten en Leeuwarden gaat het om alle soorten onderduikers, d.w.z.:

  • Joden
  • Verzetsmensen
  • Studenten, die de loyaliteitsverklaring niet wilden tekenen
  • Mannen, die niet wilden meewerken aan de Arbeidsinzet
  • Zij die om een andere reden onderdoken

Voor het district Sneek betreft het registraties van alleen joodse onderduikers. Van de districten Stiens en Dokkum zijn, voor zover bekend, geen registratiekaarten bewaard gebleven.

Drie verschillende registraties

De vorm en inhoud en het formaat van de kaarten van elk van de districten is verschillend. Het dubbelzijdige formulier van Drachten bevat de meeste vragen, 24 stuks totaal. Deze formulieren werden in principe door de onderduiker zelf ingevuld. Meestal is dat met pen gebeurd. Het formulier is iets kleiner dan A5-formaat.

De onderduikkaarten van Leeuwarden zijn vrijwel alle getypt en bevatten een selectie van de gegevens van het Drachten-formulier. Het formaat komt vrijwel overeen met A6.
De kaarten van Sneek vallen qua grootte tussen Drachten en Sneek. Ze zijn vrijwel alle getypt. Deze kaarten bevatten naast de gegevens die ook op de beide andere kaarten staan, enkele unieke gegevens, zoals bv. de namen van de ouders van de onderduiker.

Achtergronden van de registraties van onderduikers

De Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers werd eind 1942/begin 1943 opgericht. In de zomer van 1944 werd er een Centraal Bureau (CB) gevormd dat als een soort van dagelijks bestuur van de landelijke organisatie fungeerde.

Dat Centraal Bureau nam op 15 oktober 1944 het besluit om al tijdens de bezetting  ‘in iedere plaats’ een LO-bureau op te richten. Eén van haar taken zou worden om de onderduikers in haar plaats te registreren. Op een gegeven moment heeft men de benaming LO-bureau laten varen, omdat men alle onderduikers, ook die buiten de LO om geholpen zijn, wilde registreren.

 
Richtlijnen

Precieze richtlijnen voor het registeren van onderduikers na de bevrijding werden begin maart 1945 in een notitie vastgelegd. Voor ons van belang zijn hierin de volgende punten:

"(…..)
3. Meldt hij zich in X dan moet hij ten overstaan van een bureauleider van het onderduikbureau (een illegale werker), een enquêtestaat invullen, naast de officiëele enquêtestaten en wel betreffende zijn belevenissen, gedurende de periode van onderduiken en betreffende de reden van onderduiken;
4. Vervolgens moet de illegale werker die hem in die periode hielp, een andere enquêtestaat invullen over zijn persoonlijke ervaringen met den onderduiker;
5. Tenslotte worden inlichtingen ingewonnen bij het onderduikadres zelf;
6. De gegevens worden opgestuurd naar het CB der LO (eventueel via den tusschenschakel van het districtsbureau der LO) (…..)
7. Zijn voldoende en nauwkeurige gegevens vermeld, dan wordt den illegalen werker / leider van het onderduikbureau (…) in Y, het materieel ter beschikking gesteld;
8. Deze persoon in Y controleert de gegevens of doet ze controleeren en vult ze aan met een staat door een staat door hem in te vullen aan de hand van de gegevens van de illegale werkers, die den man hielpen onderduiken en van het gezin, waaruit de onderduiker komt; 
(…..)"

Aan bureaucratie dus geen gebrek. Uit het bovenstaande zou men kunnen concluderen dat de administratie van Drachten bestaat uit de formulieren die de onderduikers bij de plaatselijke opduikbureau’s hebben ingevuld (punt 3) en dat die van Leeuwarden de door de LO-medewerkers verwerkte exemplaren betreffen (punt 4).

Registratiebureaus

In Friesland verschenen in de tweede helft van april en ook in de hele maand mei van 1945 in meerdere kranten het bericht waarin onderduikers worden opgeroepen zich bij het plaatselijke onderduiksbureau te melden. De eerste melding stond in het voormalige illegale krantje V3 op 17 april. De vroegste Leeuwarder’ registratiekaart dateert van 18 april!

Uit de verschillende berichten blijkt dat er in sommige gemeenten meerdere registratiebureaus waren. In Heerenveen waren dat Heerenveen zelf, Oudeschoot, Nieuwehorne en Jubbega. In de drie eerstgenoemde plaatsen kon men in een café terecht, in Jubbega in de ambachtsschool. Er kan ook uit worden opgemaakt dat men een paar dagen na registratie de persoonlijke ‘Duikkaart’ kon ophalen. Uit een andere mededeling blijkt dat men in Wolvega onderscheid maakte tussen joodse en niet-joodse onderduikers. De eerste groep diende zich tot de plaatselijke LO-leiding te wenden, de laatste kon zich vervoegen bij het Opduikbureau. 

Van één Opduikbureau bewaart Tresoar een rapport van werkzaamheden, namelijk van dat van Sneek. Daaruit blijkt dat men daar van 23 april tot en met 2 juni 1945 zitting heeft gehouden en dat men in die periode 1873 onderduikers heeft geregistreerd.

Voor het schrijven van bovengenoemd stuk over de achtergronden is gebruikt gemaakt van de volgende bronnen:

  • Het Grote Gebod, Gedenkboek van het verzet in LO en LKP, deel 2, pp. 560 en 574
  • Archieven van de Vereniging “Friesland 1940-1945” en van het door haar verzamelde en verworven documentatiemateriaal, inventarisnummers 262 en 666

De bronnen

De LO-registraties van Drachten en Leeuwarden zijn op een gegeven moment overgedragen aan de Vereniging “Friesland 1940-1945” en maken nu dan ook deel uit van het verenigingsarchief, dat bij Tresoar berust.  De registraties zijn erin beschreven onder de inventarisnummers 130 (Leeuwarden) en 153 (Drachten).
De kaarten van Sneek werden in 2007 door Sjoerd Wiersma uit IJlst in bruikleen gegeven aan Kamp Westerbork. Het kaartsysteem was meteen na de oorlog aangelegd door zijn grootvader, ook Sjoerd Wiersma geheten, en diens broer Gerlof. De gegevens op de kaarten waren gebaseerd op lijsten die in de oorlog waren samengesteld en die in de tussentijd grotendeels verloren zijn gegaan. 

Hulp gevraagd

U kunt ons helpen door de gegevens op de onderduikkaarten in te voeren in de daarvoor ontworpen formulieren. Als de gegevens van alle documenten zijn ingevoerd dan kan er worden gezocht op de namen van onderduikers, die van hun helpers, op plaatsnaam en adres, en kan er een filter worden ingesteld op bv. de reden van onderduik, enz.

Wat levert het op?

In de eerste plaats is het invoeren een aangenaam en nuttig tijdverdrijf, waarbij je misschien ook nog op onderduikers in of uit jouw buurt stuit! En je helpt mee om Fries erfgoed toegankelijk te maken voor de hele wereld!

Maar dat is niet alles. Met het invoeren en/of controleren van scans spaar je punten. Aan het eind van het project kunnen die punten worden ingewisseld voor iets leuks. Wat dat is, maken we later bekend…